Clubrit 17

Philipsland – Tholen

Vandaag stond de 14e editie van de welbekende appelflappentocht op het programma. Waar we de eerste drie edities nog in mei reden, zijn we daarna overgestapt naar juni. Waarschijnlijk vanwege de grotere kans op beter weer — en voor sommigen misschien ook om onderweg nog wat bloot te spotten bij de kleine strandjes aan de Krabbenkreek of de Oosterschelde. Sinds 2024 pakken we bovendien het lusje Philipsland mee. Een tikkeltje saai misschien, maar goed voor extra kilometers en, zoals altijd, vooral extra wind.

En wind stond er zeker, ook deze editie. Een stevige noordwestenwind, en dan weet je het wel: stoempen geblazen, vooral aan de noordkant van het eiland Tholen. De afgesproken vijf kilometer kopwerk werd dan ook niet altijd gehaald. Voor je er eigenlijk aan toe was, zat je alweer vooraan in de wind.

Dat had ongetwijfeld ook te maken met het relatief kleine groepje van twaalf renners. Veel vaste gezichten hadden andere verplichtingen: vakanties, familie, andere uitdagingen en helaas ook enkele blessures. Degenen die er wél bij waren, genoten volop van het uitzicht — zozeer zelfs dat we bij Stavenisse voor de derde keer op rij twijfelden welk padje we nu eigenlijk moesten nemen.

Om kwart voor tien stonden we al bij de Oosterschelde Camping in Stavenisse. Een plek waar je letterlijk even tot rust komt op het terras, met uitzicht op het zwembad. De uitbaters hadden echter nog niet helemaal op ons gerekend, omdat de voorzitter — zelf druk bezig Disney achterna te zitten in het snikhete Parijs — pas om half elf had afgesproken. Gelukkig deden ze hun uiterste best om ons toch van dienst te zijn. Na een warme appelflap, een koffie en een colaatje of ijsthee stapten we om half elf alweer op voor het slotstuk van “nog maar” zestig kilometer.

Bij ’t Schelphoekje zagen we ineens een goudgele brommer aan komen rijden, die vervolgens keurig aansloot bij de groep. Ik denk dat Kees de volgende keer beter gewoon de hele route mee kan rijden; anders verveelt hij zich thuis toch maar een beetje op, achter of onder de grasmaaier. En bovendien heeft hij dan ’s avonds misschien net iets te veel energie over voor weer zo’n prachtig wazig WhatsApp-verhaal waar we stiekem altijd naar uitkijken.

Uiteindelijk stonden we rond twaalf uur — je kunt nagaan hoe hard het ging op de fiets — bij café Jagersrust. Daar plofte iedereen, bevangen door de combinatie van hitte en snelheid (of, in mijn geval, slechte conditie en jetlag), vermoeid neer op de zetels buiten op het terras. Mooi was ook dat we onze “rustende” leden Peter en Mark nog even zagen. Hopelijk kregen zij door alle sterke verhalen voldoende inspiratie om binnenkort weer aan te sluiten.

Uiteindelijk 141km met 31.5 gemiddeld

Kortom: een prachtige dag, met wind, warmte, sterke verhalen en natuurlijk appelflappen. Op naar nog veel meer mooie ritten dit seizoen. De volgende is Driesprong’s Klassieker der Klassiekers! Deze mag je zeker niet missen.

Grt. Peter S